ZOEKEN

Trefwoorden

 
antilliaans migratie etniciteit criminaliteit maatschappij onderwijs brede school mobiliteit mbo vmbo jeugd opleiding gezin moe wonen huisvesting ict overheid leefbaarheid participatie samenleving politie wijkveiligheid innovatie netwerken gemeente duurzaam a15 evaluatie educatie rotterdam rci klimaat transitiemanagement transitie zuidvleugel achterstandswijken zorg mondialisering internationaal transnationalisme burgerschap allochtonen middenklasse sociale cohesie vrouwen werkloosheid buurten steden integratie desidentificatie beleid bestuur islam identiteit arbeidsmarkt media armoede religie identificatie burgerparticipatie arbeidsmigratie wijk ontwikkeling leren expats onderzoek kind autochtonen sociaal governance social media integratiebeleid stad rotterdam zuid besluitvorming publieke ruimte complexiteit geschiedenis duurzaamheid leefbare wijken wijkgericht zelfredzaamheid diversiteit gentrificatie cohesie gezondheid kenniswerkplaats geluk preventie decentralisatie transformatie participatie sociale wijkveiligheid, contact, jeugdzorg transitie, talentontwikkeling, sociaal emotioneel, onderwijsbeleid, werkloosheid, arbeid, veiligheid, arbeidsmarkt, slachtofferschap, resilience veerkracht stedelijke autisme, autismespectrumproblemen, basisschool,

Burgers, prof.dr. J.P.L. Waal, Dr. J. van der (Jeroen) Steenbergen, MSc. F.S. van (Frank) San, Dr. M.R.P.J.R.S. van (Marion) Weltevrede, Drs. A.M. (Afke) Dekker, Dr. R. (Rianne) Rezai, Drs. S. (Sara) Wittmayer, Dr. J. (Julia) Leerkes, Dr. A.S. (Arjen) Sluis, Dr. A. van (Arie) Marks, Dr. P.K. (Peter) Entzinger, prof.dr. H.B. (Han) Buuren, Dr. M.W. (Arwin) van Loorbach, prof.dr. D.A. (Derk) Bochove, Dr. M.E. van (Marianne) Meeuwissen, Dr. M. (Marieke) Severiens, prof.dr. S.E. (Sabine) Engbersen, prof.dr. G.B.M. (Godfried) Schinkel, prof.dr. W. (Willem) Douwes, prof.dr. D. (Dick) Houdt, Dr. F. van (Friso) Snel, prof.dr. F.G. (Erik) Henrichs, Dr. J. (Jens) Boom, Drs. J. de (Jan) Hermus, Ing. P.W. (Peter) Tudjman, Drs. T. (Tom) Geerlings, prof.dr. H. (Harry) Brugge, Drs. R. van der (Rutger) Rotmans, prof.dr.Ir. J. (Jan) Scholten, Dr. P.W.A. (Peter) Avelino, Drs. F.R. (Flor) Sluis, Drs. M. van der (Mariska) Ouweneel, Drs. P. (Piet) Bekkers, prof.dr. V.J.J.M. (Victor) Roorda, C.S. MSc. (Chris) Uitermark, Dr. J.L. (Justus) Braster, Dr. J.F.A. (Sjaak) Veenhoven, prof.dr. R. (Ruut) Lub, Dr. V. (Vasco) Seidler, MA. Y. (Youri) Prinzie, prof.dr. P. (Peter) Vuijk, Dr. P. (Patricia) Schenk, Dr. J.J.A.M. (Jacqueline) Fenger, prof.dr. H.J.M. (Menno) Eijndhoven, prof.dr. J.C.M. van (Josée)

Evaluatie Bestuursmodel gemeente Rotterdam

Ruim twee jaar geleden maakten in Rotterdam de deelgemeenten plaats voor gebiedscommissies. De gemeenteraad van Rotterdam onderzoekt in 2016 of Rotterdamse doelen met dit model worden bereikt. Brengen gebiedscommissies de inwoners van Rotterdam en het bestuur van Rotterdam inderdaad dichterbij elkaar? Krijgen bewoners meer invloed op hun wijk? Dat zijn de vragen die beantwoord moeten worden. Uit het onderzoek blijkt dat die doelen niet gehaald worden en de burger nog onvoldoende aan zet is.

De onderzoekers van de Erasmus Universiteit hebben in de periode mei tot en met november 2016 diepgravend gekeken naar het functioneren van de gebiedscommissies in hun bredere maatschappelijke en bestuurlijke context. Op basis van tientallen interviews, participatieve sessies en drie enquêtes met direct betrokken gebiedscommissieleden, ambtenaren, politici, professionals en Rotterdammers is een rijk en genuanceerd beeld ontstaan van de huidige staat van het bestuurlijke systeem en de lokale democratie in Rotterdam.
 
Het bestuursmodel in de praktijk
In Rotterdam blijkt een toenemende behoefte te bestaan aan het creëren van betrokkenheid en ruimte voor mondige, ondernemende en betrokken burgers om invloed uit te oefenen op hun leefomgeving, de stad enu het bestuur hiervan. Juist op het lokale niveau van buurt en wijk kan hiertoe een meer participatieve en directe democratie ontstaan, met veel meer ruimte voor initiatief van onderop. De gebiedscommissies kunnen een belangrijke rol spelen om deze behoefte te faciliteren. De invulling van die rol tot nu toe laat grote verschillen zien en de toegevoegde waarde ervan komt nog onvoldoende uit de verf. Dat kan worden verklaard door de interne competitie binnen het Rotterdamse bestuursmodel. Tussen clusters en gebiedsorganisaties. Tussen gebiedscommissies en gemeentebestuur. Tussen gebiedsdirecteuren en voorzitters. En zelfs tussen gebiedscommissieleden en voorzitters. De bestuurspraktijk van dit moment wordt nog onvoldoende gekarakteriseerd door een vruchtbaar samenspel tussen deze onderdelen. Dit leidt in de praktijk tot veel nadruk op onderlinge verhoudingen en het bevechten van posities, wat de kwaliteit van het bestuur en het vertrouwen hierin niet bevordert. 
 
Aanbevelingen 
De onderzoekers zien, binnen het huidige bestuursmodel, voldoende mogelijkheden tot het versterken van de democratie op decentraal niveau. Daarbij is het van cruciaal belang dat lokale en decentrale opgaven en de Rotterdammer meer centraal komen te staan. Concreet betekent dat minder stedelijk beleid in beton dient te worden gegoten. Vanuit de centrale stad moeten vooral de ambities benoemd worden en kaders gesteld. De nadere invulling van dat beleid moet zoveel mogelijk van onderop, uit de gebieden komen. In de uitvoering van dit beleid moeten vervolgens burgers, ambtenaren en professionals meer in gezamenlijkheid werken.
 
Een krachtige gebiedsvertegenwoordiging is van belang om de invloed en betrokkenheid van Rotterdammers op dat beleid in hun eigen wijk te waarborgen. Het is dan wel noodzakelijk dat gebiedsvertegenwoordigers veel actiever worden in het organiseren van participatie. De stad moet ruimte bieden voor gebiedsagenda’s en de ambtelijke ondersteuning moet hierop worden aangepast. Echter, de onderzoekers zoeken de oplossing voor de versterking van de gebiedsvertegenwoordiging niet in meer bevoegdheden voor gebiedscommissies. Zij stellen wel dat de leden van de commissies meer herkenbaar voor de burgers in het gebied worden. Daartoe dienen leden van gebiedscommissies op persoonlijke titel aan verkiezingen deel te nemen in plaats van op basis van partijpolitieke kieslijsten. Ook zien de onderzoekers voor de middellange termijn kansen voor gebieden om als proeftuin te fungeren voor vernieuwende vormen van lokale democratie, zodat de Rotterdamse burger nog meer aan zet is.

Onderzoeksrapport Evaluatie Bestuurlijk Model Rotterdam 2016

Projectleider: Loorbach, prof.dr. D.A. (Derk)
Medewerkers: Steenbergen, MSc. F.S. van (Frank), Buuren, Dr. M.W. (Arwin) van, Loorbach, prof.dr. D.A. (Derk)
Opdrachtgevers: Gemeente Rotterdam

Organisatie: Erasmus Universiteit Rotterdam (DRIFT), Rijksuniversiteit Groningen
Begindatum: Mei 2016
Einddatum: December 2016
Status: Afgerond

Thema's: Participatie, Governance
Trefwoorden: evaluatie bestuursmodel gebiedscommissie gemeenteraad burgerparticipatie participatie Kwestie van Kiezen